Een Automatisch Externe Defibrillator (AED) is een toestel dat gebruikt wordt bij een persoon met een acute circulatiestilstand. De AED dient een elektrische schok toe om het hart weer in een normaal ritme te brengen. Bij een circulatiestilstand is het van groot belang om deze zo snel mogelijk te herkennen en zo snel mogelijk hulp te bieden. Lees hier alles over het gebruik en de mogelijkheden van AED’s.

AED Bedienen

Iedereen in Nederland kan en mag een AED gebruiken in een noodsituatie. Een AED is zeer eenvoudig te bedienen. Vrijwilligers van HartveiligWonen krijgen een training om in noodgevallen snel en goed te handelen en moeten bovendien jaarlijks bijscholing volgen. HartveiligWonen vereist dit omdat het van groot belang is dat vrijwilligers op de hoogte zijn van alle ontwikkelingen en in situaties met veel stress weten hoe zij moeten handelen.

Hoe werkt een AED?

Zodra iemand de AED opent of aanzet, begint een stem te vertellen wat er moet gebeuren. Op een AED zitten meestal slechts twee knoppen: één om het toestel in te schakelen en één om een schok toe te dienen. Het toestel geeft gesproken instructies. Na het plakken van de elektroden op de borst van het slachtoffer maakt de AED automatisch een analyse van het hartritme. Het toestel vertelt vervolgens of er een elektrische schok toegediend moet worden. En is dat het geval, dan krijgt de hulpverlener van de AED duidelijke instructies voor het toedienen van deze schok.

Een AED is te herkennen aan het volgende beeldmerk:

 

Hoe werkt een AED-melding in de praktijk?

  • 112 melding hartfalen.
  • Softwareprogramma op de meldkamer wordt geactiveerd, een AED alert.
  • Postcode huisnummer wordt ingevoerd in het systeem
  • Dichtstbijzijnde AED wordt opgezocht door het systeem.
  • Ongeveer 30 vrijwilligers binnen een cirkel van 1.000 a 1.500 meter  rond de desbetreffende AED krijgen een sms met het adres van de dichtstbijzijnde AED + pincode AED-kast + adres waar het slachtoffer zich bevindt. 1/3 direct naar het slachtoffer en 2/3 naar een AED en dan naar slachtoffer. Nog directer werkt de ‘app’ van Hartveiligwonen. Een complete uitleg over de ‘app’ vindt u klik hier
  • Na overname door ambulancepersoneel neemt de vrijwilliger de AED mee naar huis en belt de contactpersoon.
  • Dit telefoonnummer staat op het AED deelnemerpasje, op elke AED en in elke buitenkast van de AED stichting Bronckhorst.
  • De beheerder  verzorgt de eerste nazorg, plaatst de AED + verzorgingsset + plakkers weer terug in de kast.
  • De AED is weer klaar voor gebruik.

Als er meer dan drie vrijwilligers komen, blijven er maar drie vrijwilligers aanwezig bij het slachtoffer. De anderen gaan dan weer naar huis.

De eerste 6 minuten
Reanimatie: eerste hulp bij levensgevaar.
Heeft u er wel eens bij stilgestaan dat elke week 300 mensen in ons land buiten het ziekenhuis plotseling door hartfalen getroffen worden?
En dat voor de helft van de slachtoffers dit de eerste uiting is van ‘iets met het hart’?
Bij een plotseling hartfalen bestaat acuut levensgevaar, omdat de bloedtoevoer in het lichaam stopt en daarmee het zuurstoftransport. Na ongeveer 4-6 minuten zullen hersencellen onherstelbaar beschadigen. Daarna lopen ook andere organen beschadiging op. Maar, als een getuige, een omstander direct in die eerste minuten na het hartfalen met basale reanimatie begint – hartmassage afwisselen met mond op mondbeademingen – worden hartactie en zuurstoftransport kunstmatig op gang gehouden. Dit is van uitermate groot belang om de beschadiging van hersenen en andere organen te voorkomen.
Een slachtoffer van hartfalen is op dat moment dus volledig afhankelijk van doortastend optreden van een omstander, een getuige. En die is er vaak ook! Dit blijkt uit onderzoek en uit de praktijk. Behalve op straat, op het werk, in winkelcentra en openbare gebouwen zijn de meeste slachtoffers thuis.

Iedere Nederlander kan hulp verlenen en daarmee levens redden.

U kunt straks ook een omstander zijn bij hartfalen.
Bent ú daarop voorbereid?

Plotseling hartfalen
Wat is er eigenlijk aan de hand bij een plotseling hartfalen? Het normale hartritme is, vaak als gevolg van een acuut hartinfarct, zeer ernstig verstoord. In de meeste gevallen is er sprake van ventrikelfibrilleren. Het gevolg is dat het hart geen zuurstofrijk bloed meer door het lichaam pompt. Het slachtoffer is bewusteloos, zodat men niet meer met hem/haar kan praten. De normale ademhaling en de hartslag zijn uitgevallen.   Het is noodzakelijk een stroomstoot toe te dienen in de hoop het hartritme van het slachtoffer weer in een normaal ritme terug te krijgen. Dit gebeurt met een Automatische Externe Defibrillator (AED). Dit is een betrouwbaar en veilig apparaat, waarmee een getrainde leek kan defibrilleren. Als een omstander reeds is gestart met reanimatie en een AED ingezet is, wordt aanzienlijke tijdwinst geboekt en kan het ambulancepersoneel de reanimatie voortzetten. Iedere Nederlander kan thuis, op straat, op het werk en in zijn vrije tijd worden geconfronteerd met een hartfalen. De kans dat dit een bekende van u is, is een kans van 6 op 10!

Acuut levensgevaar? Direct handelen nodig!
Meerdere achtereenvolgende stappen zijn nodig bij de hulpverlening.

  • Snelle inschakeling van het alarmnummer 112 om een ambulance op te roepen is de eerste schakel in de keten van overleving.
  • Directe basale reanimatie door omstanders is de tweede stap, zodat vooral de hersenen zuurstof krijgen en het hart wordt voorbereid op de volgende stap.
  • Om het ventrikelfibrilleren op te heffen en een goed hartritme terug te krijgen, is defibrillatie nodig. Dit is een krachtige stroomstoot toedienen met een defibrillator. Dit moet zo snel mogelijk gebeuren.
  • Ambulancezorgverleners zetten de reanimatie voort, de vierde schakel.

Kansen van overleven.
Als binnen zes minuten na hartfalen gereanimeerd en gedefibrilleerd wordt is de overlevingskans groot: 70%. Na zes minuten blijven reanimatie en defibrillatie natuurlijk nodig en belangrijk, maar de overlevingskansen nemen af. Elke minuut later defibrilleren betekent dat die kans met 10% daalt. Alle ambulances in ons land hebben een defibrillator, maar kunnen meestal niet sneller dan 8-10 minuten na de melding ter plaatse zijn. Zo’n aanrijtijd is altijd te lang. Er gaat dan te veel kostbare tijd verloren. Het is niet eenvoudig om de aanrijtijd zo te verkorten dat wel binnen zes minuten gedefibrilleerd kan worden. Er is wel een oplossing! Dat is de automatische externe defibrillator, de AED. Iedereen die kan reanimeren, kan in een paar uur leren met een AED te werken.

De reanimatie- en AED cursus
Voor een basale reanimatiecursus zijn geen toelatingseisen. Het is wel belangrijk dat u voldoende uithoudingsvermogen heeft, omdat reanimeren inspannend is. Een cursusdeelnemer kan beter niet jonger zijn dan 13, 14 jaar. Met een geldig reanimatiediploma kunt u zich opgeven bij HartveiligWonen en alarm oproepen krijgen via sms en app.

Herhalingslessen
Om de reanimatie en AED goed in de vingers te krijgen en te houden zijn herhalingslessen heel belangrijk. Eén maal per jaar krijgt u een oproep voor een herhalingsles.
Tot slot, reanimatie is niet alleen van levensbelang bij hartfalen, maar bijvoorbeeld ook bij verdrinking, verstikking, verslikking, en ongevallen (waaronder die met elektriciteit).